Langere wachttijden door krappe omzetplafonds

 

Uit het onderzoeksrapport ‘Vrijgevestigden, omzetplafonds en wachttijden in de gespecialiseerde ggz’ (Nederlandse Zorgautoriteit) blijkt dat krappe omzetplafonds bij vrijgevestigde ggz-behandelaars leiden tot langere wachttijden, terwijl tegelijkertijd behandelcapaciteit onbenut blijft.


 

Beeld wordt bevestigd

De LVVP is blij dat er tijd en zorg is besteed aan onderzoek naar de effecten van omzetplafonds op de wachttijden. De LVVP herkent zich in de conclusie dat er daadwerkelijk een negatief effect uitgaat van de knellende omzetplafonds – zoals opgelegd door de zorgverzekeraars – op de wachttijden. Begin dit jaar trok de LVVP deze conclusie al op basis van eigen onderzoek onder leden: zie het persbericht ‘Vrijgevestigde ggz-aanbieders selectiever bij contractering’. De LVVP is blij dat dit beeld nu bevestigd wordt.

 

Effect in werkelijkheid groter

De NZa concludeert dat er maandelijks 263 nieuwe patiënten extra in behandeling kunnen worden genomen in de gespecialiseerde ggz (g-ggz). De LVVP verwacht dat dit getal in werkelijkheid groter zal zijn. Het onderzoek beperkt zich namelijk tot de g-ggz, maar ook in de generalistische basis-ggz (gb-ggz) hebben aanbieders te maken met (gecombineerde) omzetplafonds en daarnaast nog andere beperkende maatregelen (zoals een productmix). Daarnaast zullen aanbieders al in het begin van het nieuwe jaar anticiperen op een dreigende overschrijding van het omzetplafond met terugvorderingen als gevolg: ze zullen proberen de patiëntenflow gelijkmatig over het jaar te spreiden. Deze aanbieders komen in het onderzoek niet naar voren, maar ook voor hen kan gelden dat de knellende omzetplafonds ten koste gaan van het aantal patiënten dat ze hadden kunnen behandelen.

 

Elke patiënt telt

Op macroniveau lijkt het gevonden effect klein, maar voor vrijgevestigde behandelaars geldt echter dat elke patiënt er één is. Je zal maar net die ene patiënt zijn die wél in behandeling kan worden genomen. Het stuit de LVVP tegen de borst dat onze leden patiënten moeten weigeren vanwege een knellend omzetplafond. Dit is des te schrijnender als we weten dat er zulke lange wachtlijsten zijn. Daarbij constateren wij dat het aantal dbc’s geleverd door vrijgevestigden de afgelopen jaren is gestegen van 8% naar 13%. Blijkbaar kiezen steeds meer patiënten voor zorg door een vrijgevestigde. Daarnaast behandelen vrijgevestigden weliswaar geen EPA, maar wel in toenemende mate steeds complexere problematiek. Overigens hebben knellende omzetplafonds niet alleen een negatief effect op de wachttijden, maar ook op de keuzevrijheid van de patiënt.

 

NZa moet verzekeraars aanspreken op zorgplicht

Omzetplafonds worden doorgaans ingezet als instrument om doelmatigheid te bevorderen en om kosten te beperken. De LVVP staat achter deze doelstelling, maar de manier waarop de omzetplafonds worden vastgesteld moet anders. Zorgverzekeraars moeten de opdracht krijgen de omzetplafonds dusdanig vast te stellen dat mogelijke fraudeurs worden geweerd, maar dat het wel mogelijk blijft mensen hulp te bieden die dat nodig hebben en daarom vragen. Een dergelijk beleid kan ook gevoerd worden zonder het perverse knijpen in het aanbod, waardoor patiënten letterlijk op de wachtlijst komen te staan of niet naar de aanbieder van hun keuze kunnen gaan. Daarom blijft de LVVP een standaard verruiming van de omzetplafonds bepleiten. Bovendien is er -blijkens het onderzoek- nog capaciteit beschikbaar én blijkt er tegelijkertijd sprake van onderuitputting van financiële middelen. Tegen het licht van de huidige wachtlijsten in de ggz is dit maatschappelijk onacceptabel te noemen. De LVVP dringt er daarom op aan dat de NZa zorgverzekeraars gaat aanspreken op hun zorgplicht.