NZa moet ggz-tarieven 2014 en 2015 opnieuw vaststellen

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) moet de tarieven voor de geestelijke gezondheidszorg (ggz) opnieuw vaststellen. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft afgelopen week uitspraak gedaan in het geschil tussen de NZa en zorgverzekeraars over de totstandkoming van de tarieven 2014 en 2015 in de gespecialiseerde ggz. Het CBb heeft de NZa in het ongelijk gesteld, waardoor de destijds vastgestelde tarieven op losse schroeven zijn komen staan. De NZa heeft deze tarieven gebaseerd op een kostprijsonderzoek via een steekproef onder zorgaanbieders.

 

Omdat de uitkomsten bijna 19 procent hoger uitvielen dan de NZa had verwacht, koos zij vervolgens een andere manier van berekenen. Er werd niet van het gemiddelde maar van de mediaan uitgegaan, waardoor de kosten daalden. De NZa maakte daarbij fouten, stelt het College, dat bovendien oordeelt dat de keuze voor een model van kostprijsonderzoek vooraf bekend moet zijn en niet achteraf op basis van de beschikbare uitkomsten.
De NZa laat weten de uitspraak van het CBb mee te nemen in het lopende kostenonderzoek in de ggz. De NZa wil hierover snel in gesprek met zorgaanbieders en zorgverzekeraars.
De LVVP wacht de gevolgen van de uitspraak van het CBb met grote belangstelling af.